(Dit artikel van Sien Beckers, Stéphanie van der Raad en Sophie Buchel werd eerder gepubliceerd in de Volkskrant van 8-9-2025)
De methode van het Bouwdepot, waarbij kwetsbare jongeren financiële steun krijgen zonder institutioneel wantrouwen, verdient het om een ruimere plek te krijgen in de Participatiewet.
Dinsdag spreekt de Tweede Kamer met demissionair staatssecretaris Jurgen Nobel over de herziening van de Participatiewet. Kwetsbare jongeren zouden daarbij hoog op de agenda moeten staan.
Eerder dit jaar tikte Nobel nog elf gemeentes op de vingers omdat zij een jaar lang, op basis van vertrouwen, geld geven aan jongeren die tussen wal en schip vallen. En toen de Tweede Kamer daarop besloot dat gemeenten kwetsbare jongeren onvoorwaardelijk financieel mogen blijven steunen, bijvoorbeeld via stichting het Bouwdepot, legde Nobel deze motie naast zich neer.
Opmerkelijk, want voor jongvolwassenen zonder sociaal en financieel vangnet is het haast onmogelijk om genoeg te verdienen aan werk of uitkering om te kunnen leven. Stel, je bent opgegroeid in een kwetsbare positie, of je bevindt je in een stressvolle situatie zonder veilig thuis of met schulden, dan kun je je voorstellen dat het een enorme uitdaging is om een opleiding te volgen en die te combineren met een bijbaan (voor jeugdloon). Laat staan dat je kunt rondkomen van een uitkering van een paar honderd euro per maand.
Juist deze jongeren hebben een enorme behoefte aan vertrouwen, rust en eigen regie, en willen stappen zetten naar zelfstandigheid. Daarom werken deze gemeentes samen met het Bouwdepot: een radicaal andere aanpak die een uitweg biedt voor jongeren die kampen met meervoudige problematiek, zoals onderwijsuitval, dak- of thuisloosheid en schulden.
Autonomie
Stichting het Bouwdepot biedt namelijk structurele hulp en doet dat vanuit principes als vertrouwen, autonomie en kansengelijkheid, waarden die doorgaans ontbreken in bestaande regelingen. Jongeren krijgen bijvoorbeeld niet enkel financiële middelen toegekend, maar kunnen ook rekenen op persoonlijke begeleiding waarin ze de ruimte krijgen om eigen doelen te formuleren en fouten te maken. Hiermee onderscheidt het Bouwdepot zich van experimenten met het basisinkomen, waar onlangs in NRC kritiek op klonk.
Dat het initiatief aanvankelijk door het Rijk werd onthaald met wantrouwen en controledrang, is geen verrassing: het Bouwdepot botst ogenschijnlijk met de papieren werkelijkheid van de Participatiewet, terwijl de aanpak aantoonbaar werkt voor deze doelgroep en dus aansluit op hun behoeftes.
Zo stellen wij, onderzoekers van Drift, in onze onderzoeken naar het Bouwdepot al jaren vast dat het initiatief bijdraagt aan gevoelens van autonomie, vertrouwen en levensmotivatie, terwijl gevoelens van financiële krapte juist afnemen.
Toeslagenschandaal
Dit initiatief doorbreekt daarmee juist de effecten van een systeem dat juist die mensen die een overheidsvangnet het hardst nodig hebben, wantrouwt en benadeelt (zie het toeslagenschandaal). Zo houdt het Bouwdepot de landelijke overheid een spiegel voor.
Dat de Tweede Kamer er toch voor heeft gestemd om het initiatief te gedogen is een belangrijke stap in de goede richting: deze tussenfase creëert ruimte voor sociale innovaties op dit terrein, die weeffouten blootleggen in het huidige systeem en gemeentes een alternatief bieden om mee te experimenteren en van te leren.
Aanvullend spreekt de Kamer de wens uit deze aanpak te willen verankeren in de nieuwe Participatiewet. Weliswaar klinkt ook dat als erkenning, maar toch schuilt net daarin ook gevaar: een jongerentoelage opnemen in een bijstandsstelsel dat in de kern niet verandert, doet fundamenteel tekort aan de transformatieve kracht van het Bouwdepot.
Onrechtvaardig systeem
Door de Bouwdepot-aanpak volledig te erkennen, juist zoals het aansluit bij de behoeften van deze groep jongeren, doet de overheid niet alleen recht aan de kracht van dit initiatief, maar ook aan wat het blootlegt: dat er veel meer nodig is dan enkel wat extra middelen om de dieper liggende oorzaken van een onrechtvaardig bijstandssysteem te bestrijden. Dit besef leeft al lang bij de gemeenten die hiermee werken.
Door niet weg te kijken van de groeiende kloof tussen systeem- en leefwereld waarmee lokale professionals dagelijks geconfronteerd worden, maar deze te overbruggen. En zo een groep jongeren die door de landelijke overheid al jaren genegeerd wordt, perspectief te bieden. Deze samenwerking pakt het huidige complexe en onrechtvaardige systeem bij de wortels aan: de eenvoud en de bijbehorende kernprincipes van het Bouwdepot (zoals vertrouwen en eigen regie) zijn een passend antwoord op de onnodige complexiteit en onrechtvaardigheid van het huidige systeem.
Pijnpunten
Het wordt tijd dat het Rijk ook op landelijk niveau de pijnpunten die het Bouwdepot blootlegt, serieus neemt. Want hoewel bewezen is dat deze aanpak de maatschappij uiteindelijk geld bespaart, is het Bouwdepot méér dan een interventie in een systeem waarin kwetsbare jongeren enkel zwarte of rode cijfertjes zijn. Het doet namelijk recht aan het potentieel van jongeren die opgroeien met de uitdagingen van de 21ste eeuw.
We roepen alle politici die zich nu opmaken voor de Tweede Kamerverkiezingen op: durf werkelijk te leren van dit initiatief om een echte transformatie van ons kille en vastgelopen bijstandssysteem mogelijk te maken.