In deze beleidsnota van het DIT-platform uit 2022 wordt onderzocht waarom ‘engaged scholarship’ – onderzoek en onderwijs waarbij belanghebbenden worden betrokken om maatschappelijke uitdagingen aan te pakken – moeite heeft om voet aan de grond te krijgen aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, ondanks de missie van de universiteit om een ‘positieve maatschappelijke impact’ te realiseren. Op basis van 32 interviews met onderzoekers en ondersteunend personeel van de EUR worden in de nota obstakels op drie niveaus in kaart gebracht.
Op individueel niveau ontbreekt het wetenschappers aan bepaalde vaardigheden (zoals het betrekken van belanghebbenden) en worden zij geconfronteerd met inherente risico’s, zoals afhankelijkheid van de medewerking van belanghebbenden of publicatiebeperkingen.
Op het niveau van de EUR zijn de obstakels onder meer onvoldoende tijd voor engagementwerk, een gebrek aan waardering en beloning bij loopbaanevaluaties, zwakke loopbaanvooruitzichten die gekoppeld zijn aan traditionele meetcriteria, onvoldoende steun van decanen en het college van bestuur, en ondersteunende diensten (HR, IT, communicatie) die niet zijn afgestemd op de behoeften van geëngageerd wetenschappelijk werk.
Op het bredere niveau van het academische systeem leiden internationale concurrentie, de afhankelijkheid van kwantitatieve maatstaven zoals H-indexscores en rigide disciplinaire normen ertoe dat betrokkenheidswerk wordt ondergewaardeerd, wat zelfs de vooruitzichten van wetenschappers aan andere universiteiten beïnvloedt.
De nota sluit af met vier beleidsaanbevelingen voor besluitvormers van de EUR: bouw een gedeeld, voortdurend begrip op van de maatschappelijke rol van de universiteit, creëer ondersteunende ruimtes en gemeenschappen voor betrokken wetenschappers, heroverweeg starre functieprofielen en loopbaantrajecten, en stel kritisch de vraag hoe „impact“ en „betrokkenheid“ worden gemeten, waarbij wordt gewaarschuwd tegen het reduceren ervan tot formaliteiten.