(This publication and report are in Dutch)
Het vervolgonderwijs is al geruime tijd in beweging. De vraag naar flexibilisering neemt toe, loopbanen worden minder lineair, en van het vervolgonderwijs wordt verwacht dat het niet alleen initieel opleidt maar ook ruimte biedt voor leven lang ontwikkelen. Tegelijkertijd daagt digitalisering het onderwijs uit: de mogelijkheden zijn groot, maar de zorgen ook: over hoe leren tot stand komt, afhankelijkheid van big-tech, en ons vermogen tot kritisch denken.
Vanuit allerlei niveaus wordt gewerkt aan deze beweging. In het klaslokaal, de bestuurskamer, en sinds kort ook in instellings- en sectoroverstijgende samenwerkingen zoals Npuls en de LLO-katalysator. Nu lijken al deze ontwikkelingen samen een cruciale fase in te gaan. Niet omdat de afzonderlijke bewegingen nieuw zijn, maar omdat de optelsom ervan steeds nadrukkelijker de vraag stelt of het vervolgonderwijs nog volstaat met kleine aanpassingen, of dat er iets fundamentelers moet verschuiven in hoe het zichzelf organiseert en legitimeert. Kortom, of er geen sprake is van een fundamentele systeemverandering – een transitie.
Om deze transitie beter te begrijpen, hebben DRIFT en Risbo in opdracht van Npuls een transitiemonitor ontwikkeld. Deze monitor brengt in kaart hoe het vervolgonderwijs verandert en welke dynamieken die verandering stimuleren of juist afremmen. Het doel is om niet alleen zicht te krijgen op afzonderlijke innovaties, maar vooral op de bredere systeemverandering die daarachter schuilgaat.
De monitor richt zich op vijf samenhangende thema’s die centraal staan in de toekomst van het vervolgonderwijs: waardegedreven digitalisering, flexibele leerroutes, de verschuiving van student naar lerende, leren met en van de maatschappij, en nieuwe competenties en rollen voor onderwijsprofessionals. Binnen elk thema wordt gekeken naar zowel de opbouw van nieuwe praktijken als afbouw van bestaande structuren en gewoonten.
De nulmeting laat zien dat er in het vervolgonderwijs veel vernieuwingskracht aanwezig is. Overal ontstaan nieuwe initiatieven, experimenten en samenwerkingen. Tegelijkertijd blijkt dat het opschalen en structureel verankeren van deze vernieuwingen lastig is. Bestaande bekostigingssystemen, regelgeving, kwaliteitskaders en gevestigde opvattingen over goed onderwijs zorgen ervoor dat veel vernieuwingen zich nog moeten aanpassen aan de logica van het huidige systeem.
De monitor maakt daarmee zichtbaar dat transitie niet alleen gaat over het ontwikkelen van nieuwe oplossingen, maar ook over het doorbreken van bestaande patronen. Juist die combinatie van opbouw én afbouw bepaalt of de huidige ontwikkelingen uiteindelijk leiden tot een fundamenteel ander vervolgonderwijs.
Met deze monitor legt Npuls de basis voor een meerjarig leer- en reflectieproces. Door ontwikkelingen systematisch te volgen ontstaat inzicht in de richting, snelheid en diepgang van de veranderingen die zich momenteel in het vervolgonderwijs voltrekken. Het biedt daarmee een belangrijke spiegel voor het onderwijsveld en iedereen die wil bijdragen aan de toekomst van leren in Nederland.